Android begrippenlijst

ADC: Afkorting van Android Developer Challenge, een wedstrijd die Google regelmatig organiseert om goede en innovatieve Android-applicaties te belonen met een prijs. Er zijn diverse ADC’s geweest, bijvoorbeeld in 2008 en 2009. In beide gevallen gaf Google een enorme hoeveelheid geld aan de winnaars.

ADP: Android Developer Phone, een speciale simlockvrije uitvoering van een Android-telefoon, bedoeld voor ontwikkelaars. Hierbij kun je denken aan de HTC Dream/G1 (ADP1) en de HTC Magic (ADP2), maar ook aan nieuwere toestellen als de Nexus 4 en Nexus 5.

Android: Besturingssysteem voor mobiele telefoons, tablets en andere apparaten. Het is ontwikkeld door Google en gebaseerd op Linux. Android wordt ook gebruikt in digitale fotolijstjes, netbooks en andere apparaten. Ook steeds meer auto’s zijn voorzien van Googles mobiele besturingssysteem.

APK: Een APK is een Android-programmabestand. Dit is een bestand met de extensie .apk. Het is vergelijkbaar met .exe onder Windows en .app op de Mac.

Applicatie: Afkorting voor applicatie of softwareprogramma.

Cupcake: Codenaam voor Android 1.5. Eigenlijk is dit niet correct, omdat Cupcake eigenlijk een ‘verzamelbak’ was voor allerlei Android-verbeteringen waarvan later nog zou worden bepaald of ze in Android 1.5 zouden worden opgenomen. In het spraakgebruik wordt met Cupcake echter Android 1.5 bedoeld.

Custom ROM: Aangepaste versie van een ROM (zie verder bij: ROM).

Dalvik: Dalvik is de virtuele machine van Android. Deze kan bestanden in Dalvik Executable-formaat uitvoeren; deze bestanden hebben de extensie .dex.

DDMS: De Dalvik Debug Monitor Service. Onderdeel van de Android SDK en bedoeld om applicaties te debuggen. Je kunt er echter ook screenshots mee maken, waardoor DDMS ook voor gewone gebruikers interessant wordt.

Donut: Codenaam voor Android versie 1.6.

Dream: Codenaam voor het eerste Android-toestel, dat later op de markt kwam als de T-Mobile G1. Deze door HTC ontwikkelde smartphone is identiek aan de Android Developer Phone 1 (ADP1).

Droid: Dit was het eerste Android-toestel met Android 2.0, dat in het najaar van 2009 op de Amerikaanse markt kwam. Het toestel is geproduceerd door Motorola en werd in Europa onder de naam Motorola Milestone op de markt gebracht.

Eclair: Codenaam voor Android versie 2.0.x

Flan: Codenaam voor Android versie 2.1.x

Galaxy: Naam van de populaire smartphone- en tabletlijn van Samsung.

Gingerbread: Codenaam voor Android versie 2.3.x

G1: De eerste Android-telefoon, op de markt gebracht door T-Mobile in de VS, Nederland en een aantal andere Europese landen. Ook bekend als de HTC Dream en de ADP1.

Honeycomb: Codenaam voor Android versie 3.x

Ice Cream Sandwich: Codenaam voor Android versie 4.x

Jelly Bean: Codenaam voor Android versie 4.1.x

KitKat: Codenaam voor Android versie 4.4.x

Live-Android: Project om een Android live-cd te maken waarmee je Android op algemene x86-platformen kunt gebruiken.

Nexus: Google’s eigen toestellijn

Open Handset Alliance: Consortium van bedrijven die samenwerken aan Android. Bij de oprichters waren behalve Google ook een aantal andere grote bedrijven zoals Intel betrokken.

OTA: OTA staat voor Over The Air. Het houdt in dat een firmware-update draadloos naar gebruikers wordt verzonden. Je krijgt een melding op je toestel dat er nieuwe firmware beschikbaar is. Deze kun je installeren zonder de telefoon op een computer aan te sluiten, waarbij gebruik wordt gemaakt van wifi of je mobiele databundel.

ROM: ROM staat voor Read Only Memory. Dit gedeelte van het geheugen wijzigt niet tijdens het gebruik van je Android-toestel. Het bevat onder andere het besturinssysteem, de drivers, systeeminformatie, iconen en dergelijke. Een custom ROM is een aangepaste versie van een ROM, dus niet de variant van het besturingssysteem die standaard door de toestelmaker/operator/Google beschikbaar is gesteld. Als je een custom ROM installeert, doe je dat meestal omdat je je toestel wil updaten naar een nieuwere versie van het Android-besturingssysteem; eentje die nog niet officieel voor jouw toestel is uitgebracht.

Root: Root-access houdt in dat je met admin-/beheerdersrechten activiteiten kunt uitvoeren. Dit zijn de meest uitgebreide rechten die je op een computersysteem kunt hebben. Je hebt daarmee complete toegang tot het onderliggende besturingssysteem en kunt dus ook activiteiten uitvoeren die normaal niet zijn toegestaan.

SDK: Software-ontwikkelkit waarmee ontwikkelaars eigen applicaties voor Android kunnen ontwikkelen. In de SDK zitten alle hulpmiddelen die een ontwikkelaar nodig heeft om zelf een Android-applicatie te programmeren.

Smartphone: Slimme telefoon met diverse uitbreidingsmogelijkheden. Zo kun je extra software installeren, e-mail-gegevens mee synchroniseren en dergelijke. De term smartphone verliest wat van z’n betekenis, omdat eenvoudige telefoons ook steeds meer functies bevatten, waaronder een browser, adresboek, e-mail en de mogelijkheid om games en apps te installeren.

SPL: De SPL is de bootloader die op de telefoon wordt ingeladen. Dit programma is nodig om nieuwe ROM’s en updates te installeren. De SPL controleert de signature (een soort handtekening, authenticiteitskenmerk) om te kijken of de ROM wel is toegestaan op jouw telefoon. Eventueel kun je de SPL vervangen.