Blijf jij al op de hoogte van de locatie van je kind via een gps-tracker, smartwatch of smartphone, of ben je dat in de toekomst van plan? Wij vertellen waar je op moet letten, van praktische tips tot mogelijke gevaren.
Lees verder na de advertentie.
Dit moet je weten over het tracken van je kind
Dit moet je weten over het tracken van je kind
Veel ouders gingen je al voor
Uit onderzoek van RTL blijkt dat tweederde van de ouders weleens de locatie van hun kind volgt. Meestal gebeurt dat met een app op de mobiele telefoon van het kind, vooral bij middelbare scholieren. Wie nog kinderen op de basisschool heeft, grijpt eerder naar een smartwatch. Daarnaast zijn er speciale trackers waarmee je de locatie van je kind kunt volgen.
Dit onderzoek werd in mei van dit jaar uitgevoerd onder ruim 19.000 deelnemers, onder wie 2000 ouders van kinderen tussen de 6 en 18 jaar. Over het nut en de veiligheid van apparaten waarmee je kinderen kunt tracken, bestaan verschillende opvattingen. In dit artikel zetten we de meningen van vier experts op een rij. Zo krijg je een beter beeld van wat er allemaal bij komt kijken en waar je rekening mee moet houden.

De voordelen van tracken: extra vrijheid voor kind
Volgens John van den Oever, oprichter en eigenaar van One2Track, worden smartwatches met uitgebreide trackfuncties vooral gedragen door kinderen tussen de 6 en 9 jaar. Kinderen in die leeftijdsgroep hebben vaak nog geen smartphone, omdat ouders hen daar nog te jong voor vinden. Een smartwatch kan dan een handig alternatief zijn.
Voorstanders als Van den Oever noemen een smartwatch met de focus op tracking een ‘praktisch hulpmiddel om kinderen net iets makkelijker vrij te laten’. Zo kan een kind zijn of haar ouders bereiken als het in een vervelende situatie terechtkomt. Ook Freek Zwanenburg, directeur van Bureau Jeugd & Media, ziet de meerwaarde van een smartwatch als het gaat om het geven van extra vrijheid aan kinderen.
Advies ´track met mate´ al aardig opgevolgd
Zijn belangrijkste kanttekening: track niet te vaak. Bureau Jeugd & Media waarschuwt ervoor dat ouders voortdurend gaan controleren waar hun kind is. ‘Dat staat zelfredzaamheid in de weg. Dit ontneemt kinderen hun autonomie, de ruimte om dingen stiekem te kunnen doen of zelf problemen op te lossen’, aldus Zwanenburg.
In de praktijk lijken de meeste ouders zich prima te kunnen inhouden. Zo zegt een meerderheid (62 procent) dat ze zelden of bijna nooit de locatie van hun kind bekijken. Redenen om dit wel te doen zijn bijvoorbeeld dat hun kind later thuiskomt dan verwacht. Een kleinere groep (37 procent) kijkt wel regelmatiger, bijvoorbeeld wanneer kinderen onderweg zijn van school, naar vriendjes of naar activiteiten.

De nadelen en mogelijke gevaren van tracken
Tegenstanders wijzen juist op het risico dat de eerder genoemde zelfredzaamheid wordt belemmerd. Vivian den Blanken, opgroei- en opvoedexpert bij het Nederlands Jeugdinstituut, noemt het weten waar een kind is een vorm van schijnveiligheid. Ze stelt: ‘Je kunt een kind niet overal beschermen. Ook met een locatie weet je nooit honderd procent zeker dat je kind niets overkomt.’
Daarom adviseert Den Blanken ouders om minder te kijken naar hun behoeften op de korte termijn. ‘Op korte termijn ben je als ouder blij omdat je (de locatie van) je kind ziet. Op de lange termijn kunnen er echter nadelige effecten zijn voor het kind. Met name op het gebied van de ontwikkeling van autonomie’, aldus de opgroei- en opvoedexpert.
Zoek de gulden middenweg
Den Blanken benadrukt het belang van het stiekem kunnen doen van dingen binnen de opvoeding. Ze noemt als herkenbare voorbeelden: ‘naar de supermarkt kunnen gaan en lekkere dingen halen, of toch met die ene vriend afspreken’. Een tracker kan wellicht een onbedoeld negatief signaal afgeven aan een kind, met een gevoel van wantrouwen als gevolg.
Daarom adviseert ze ouders om een middenweg te vinden. Bijvoorbeeld door je kind niet ineens volledig los te laten, maar het stap voor stap zelfstandigheid en zelfredzaamheid bij te brengen. Daar is Zeina Bassa, consultant kinderveiligheid bij VeiligheidNL, het mee eens. Ook zij benadrukt het belang dat kinderen leren omgaan met risico’s, zodat ze de juiste vaardigheden ontwikkelen om zichzelf veilig te houden.
‘Begin bijvoorbeeld met ze alleen een ijsje te laten halen of alleen naar de speeltuin te laten gaan. Daar bouwen ze zelfredzaamheid en vertrouwen mee op. Die oefeningen en ervaringen zijn heel waardevol.’ Den Blanken heeft nog een mooie metafoor die hierop aansluit: ‘Begin eens met meefietsen naar school, later fiets je erachteraan en uiteindelijk kijk je alleen nog even om de hoek.’
Gebruik jij al een tracker-app of ander hulpmiddel om te weten waar je kind is? Geef jouw mening over het gebruik ervan in de reacties hieronder. We zijn benieuwd!